Kom nou

K
Een stuk of vijf woordjes kan ik nu verstaan. Het zijn niet echt woorden natuurlijk, maar ik noem het maar woorden, bij gebrek aan een beter woord.
De kauwen praten het meest. Ze hebben een enorm nest in een van de hoge essen achter het huis. Hoe ze elkaar waarschuwen voor een kat klinkt heel anders dan het geluid dat ze maken als ik de tuin inloop.
Bij de kat klinkt het verontrustender, als een waarschuwing: ‘Wegwezen, kutkat,’ zoiets. Bij mij klinkt het eerder als een mededeling. Zo van: ‘Mens is er.’
Ik ben van alle buren het meest in de achtertuin. Ik meen ook te horen dat ze bij mij nét een ander geluid maken dan bij de buurvrouw, maar dat weet ik niet zeker natuurlijk.
In elk geval is er een verschil tussen ‘mens’, ‘kat’ of ‘een van die irritante parkieten van de boom naast ons.’
Ze zeggen ook weer iets anders als ze zien dat ik voer voor ze in de tuin hang in de winter. En ze laten het elkaar weten als ik vers water in het vogelbadje heb gegoten op een warme dag.
Weer een ander geluid.
De vogels weten ook hoe ze me aan het werk kunnen zetten.
De parkieten tikken in de winter op het raam als ze al het voer uit de bakjes hebben gesnaaid en er nieuwe bij moet.
Vorig jaar was er ineens een ekster die tegen het raam begon te tikken. Het was zomer dus het ging niet om voer, en sowieso zijn de eksters normaal gesproken veel afstandelijker. Heel anders dan bijvoorbeeld de koolmeesjes die soms, als ik maar lang genoeg stil zit, op het tafeltje tegenover me komen zitten.
De ekster blééf maar tikken tegen het raam. Ik zag ook ineens allemaal andere eksters in de tuin. Het was een hoop kabaal. Toen ik de tuin in liep zag ik dat er een ekster verstrikt zat in het touw waar ik een tomatenplant mee omhoog had gebonden. Het beestje draaide zich paniekerig steeds verder vast. Toen ik naar ‘m toeliep verstijfde hij. Ik kon ‘m makkelijk losmaken. Hij vloog meteen weg.
Een paar dagen geleden werd ik weer geroepen, of tenminste dat dénk ik. Al de hele ochtend was t een enorm kabaal van de kauwen. Ze waren anders nooit in de tuin, maar nu wel. Ze joegen een kat weg. En ik hielp een beetje mee door kssst te roepen en achter m aan te rennen. Ik dacht dat daarmee de rust wel weer terug zou keren, maar dat gebeurde niet. Twee kauwen bleven schreeuwen. Ze pikten zichzelf in hun pootjes. Ze bleven opvliegen en weer landen, opvliegen en weer landen en lawaai maken en in hun eigen poten pikken. Ik begreep het niet.
Ik liep naar ze toe en ze bleven zitten. Dat begreep ik ook niet. Dat zouden ze anders nooit doen.
Ze waren wel stil ineens.
Ik liep terug naar de keukendeur en daar zag ik ineens een heel jong kauwtje zitten. Verstijfd. Hij bewoog niet, ook niet als ik ‘m aaide, ik kon m zo oppakken. Ik controleerde zijn vleugels maar hij leek niet gewond. Waarschijnlijk was hij zo geschrokken van die kat dat hij niets meer durfde. Ik zette de babykauw in een kartonnen doosje en bracht hem naar het veldje achter de tuin.
Hij bewoog nog steeds niet. De kauwen zaten op de onderste takken van de boom vlak boven hem. Ze riepen naar hem.
‘Kat’ ‘Mens’ ‘Eten’ ‘Water’ ‘Irritante parkiet’ ‘Help’ kende ik nu. En nu hoorde ik iets wat ik begreep als: ‘Kom nou.’
Ik liep terug naar de tuin. Nog minutenlang zijn ze blijven roepen, toen sprong de babykauw uit het doosje, hupte wat op het gras en vloog op, de boom in.

Over de auteur

Cathelijn Schilder

Reageer

Cathelijn Schilder

Schrijft, geeft les, leest

Cathelijn Schilder (1980, Schiedam)
zzp’er | Amsterdam | Schrijver | Schrijfdocent | Creatief Schrijven | Redacteur | Korte verhalen | Romans | Columns | Radio | Onderwijs | Uitgeverij Nieuw Amsterdam | Hogeschool voor de Kunsten Utrecht |

Ik heb een vrij complexe relatie met beamers, powerpointpresentaties, airconditioning en systeemplafonds. Maar ik kan goed improviseren.

Een aantal dagen van de week zit ik in mijn eentje achter een computer. Dat valt niet mee voor iemand uit een groot gezin. Dus er is niets wat me blijer maakt dan een schrijftraining in Beverwijk; een workshop op een middelbare school in Spijkenisse; of een lezing in de bibliotheek van Rolde. Ja echt!