De druppel

D

Over stille paniek bij een intercom en de kantoorwoorden voor het komende decennium.

Het was nog middag maar alweer bijna donker. Niemand had eraan gedacht om de lichtjes van de kant en klare kantoorkunstkerstboom naast de koffieautomaat aan te doen. De stekker hing slapjes aan de onderste plastic tak. Ik twijfelde of ik – de zzp’er op bezoek- degene moest zijn die om half vier ’s middags voor de kerstsfeer moest zorgen. Ik deed het maar niet. Het voelde een beetje betweterig. Zo van: nou dan doe ik het wel weer! Terwijl ik daar niet eens werk. Er waren niet veel mensen op het kantoor, maar de manager was er nog. Ik liep langs en knikte. Hij zei: ‘Zeg, heb jij eigenlijk al een druppel?’

Pas een jaar geleden leerde ik wat een druppel is.  In het normale leven is een druppel gewoon een druppel. Maar zodra je de draaideur van een kantoorgebouw binnenloopt met systeemplafond, Cup-a-Soup Carrousel en zeepdispensers, ondergaat de druppel ineens een wonderbaarlijke metamorfose.

Ik herinner me het moment nog goed. Het was een dinsdagmiddag. Ik gaf die dag les op de eerste verdieping van een kantoor in Beverwijk. Ik drukte op de bel. Tussen het zaaltje waar ik lesgaf en het toiletblok waar ik af en toe heen moest, zaten twee branddeuren. Alleen de receptioniste kon mij van de ene naar de andere kant van de gang brengen. De derde keer riep de receptioniste door de intercom: ‘Maar, heb je dan geen druppel?’ Ik ben nu bijna veertig maar ik raak nog altijd een beetje in paniek als ik iets niet begrijp. Dat gebeurde toen ook. Een druppel? Dacht ik. Welke druppel? Ik dacht aan alle druppels in de wc en in de wasbak tijdens het handen wassen. Ik wreef in mijn handen, inspecteerde snel en zo onopvallend mogelijk mijn lijf. Ik leek in orde.  Al die tijd was het stil aan de andere kant. Mijn antwoord liet veel te lang op zich wachten. De deur ging open. Ik liep terug naar het zaaltje.

Ik googelde: druppel. Maar er verschenen alleen maar druppels op mijn beeldscherm. Toen typte ik: Wat kan een druppel nog meer zijn dan alleen maar een druppel. Maar dat hielp ook niks. Toen vroeg ik aan de mensen in het zaaltje: ‘wat is een druppel?’  De hele dag stelde ik al vragen over dingen in hun teksten die ik niet begreep. Een druppel kon er ook nog wel bij. De man links van mij haalde een sleutelhanger uit zijn zak met daaraan een klein blauw plastic dingetje.

Nu is het 2020. Ik weet wat een druppel is. Grote kans dat ik binnenkort zelfs in het bezit ben van een druppel. Zijn er inmiddels meer kantoorwoorden bijgekomen die handig zijn om te kennen? Je mag ook zelf het initiatief nemen en nieuwe woorden in het leven roepen. Het liefst woorden als de druppel, zodat je echt hele rare zinnen tegen elkaar gaat zeggen.

Heb je het abonnement op je been nog niet verlengd? Dat schijnt echt voor de 21ste te moeten.’  Of: ‘Die nieuwe sneeuwvlokken werken voor geen meter.’ Of: ‘Ik heb nooit de functie van zo’n snotje begrepen. Echt bureaucratisch gedoe.’ 

Probeer het vooral eerst uit op mij. En kijk hoe lang het stil blijft aan de andere kant van de intercom.

Er staan een paar leuke dingen op de agenda trouwens. Heb je ooit meegedaan aan een schrijftraining bij mij of bij mijn allerleukste collega Merel Roze? Er is een terugkomavond in april! Lijkt me heel leuk je daar te zien!
Er is ook nog één plek bij de training creatief schrijven in februari. Iets voor jou of een collega?
En ik vertel graag over een heel mooi en effectief schrijfproject waar ik bij betrokken ben: pair writing. Hier lees je er alles over.

Over de auteur

Cathelijn Schilder

Reageer

Cathelijn Schilder

Schrijft, geeft les, leest

Cathelijn Schilder (1980, Schiedam)
zzp’er | Amsterdam | Schrijver | Schrijfdocent | Creatief Schrijven | Redacteur | Korte verhalen | Romans | Columns | Radio | Onderwijs | Uitgeverij Nieuw Amsterdam | Hogeschool voor de Kunsten Utrecht |

Ik heb een vrij complexe relatie met beamers, powerpointpresentaties, airconditioning en systeemplafonds. Maar ik kan goed improviseren.

Een aantal dagen van de week zit ik in mijn eentje achter een computer. Dat valt niet mee voor iemand uit een groot gezin. Dus er is niets wat me blijer maakt dan een schrijftraining in Beverwijk; een workshop op een middelbare school in Spijkenisse; of een lezing in de bibliotheek van Rolde. Ja echt!